Politiek filosoof Dries Deweer maakte in de Verenigde Staten grapjes over Donald Trump. Maar hij werd beschaamd toen bleek dat minister Jan Jambon en het woord “significant” daar nieuws zijn.

Op een academische conferentie in de Verenigde Staten verwacht je niet dat de Belgische minister Jan Jambon een gespreksonderwerp wordt. Als politiek hier ter sprake komt, dan gaat het tegenwoordig over de presidentsverkiezingen, en dan vooral over het bizarre fenomeen Donald Trump.

Tot nu toe konden wij, Europeanen, onze Amerikaanse collega’s een beetje plagen: Europese politiek is ook een zootje, maar op zijn minst blijven wij gespaard van een gevaarlijke clown als Trump. Tot ik vandaag de Wall Street Journal onder de neus kreeg geduwd. Met een brede grijns: “Looks like you have a little Trump of your own.”

Jan Jambon stond hier aan de overkant van de oceaan dus in de krant. Helaas niets om trots op te zijn. De Wall Street Journal trekt een parallel tussen Jambons uitspraak dat “een significant deel van de moslimgemeenschap danste naar aanleiding van de aanslagen” en uitspraken van Donald Trump.”

“Met een brede grijns: “Looks like you have a little Trump of your own.””

Elke week is hier wel commotie rond het geschreeuw van Trump, maar weinig uitlatingen hebben zo’n storm van protest opgewekt als zijn stelling dat duizenden Amerikaanse moslims juichten toen de Twin Towers instortten op 9/11. Net zoals Jambon kon ook Trump niet duidelijk maken waarop hij zijn beschuldiging baseerde.

Zelfs de meeste Amerikanen zijn het er over eens: Ofwel was dat een vlaag van zinsverbijstering, ofwel de meest gemene racistische volksmennerij. Hoe dan ook was het olie op het vuur van een sowieso al aangewakkerde islamofobie. Dat onze eigen minister van binnenlandse zaken dezelfde toer opgaat… Als Belg stond de plaatsvervangende schaamte mij op de wangen.

“In deze kwestie moeten we ons echter bewust zijn van de status van woorden in de politiek.”

Hier en daar gaan stemmen op dat de hetze overdreven zou zijn. Het gaat immers om wat je onder ‘significant’ verstaat. In deze kwestie moeten we ons echter bewust zijn van de status van woorden in de politiek.

Ten eerste is taal wat politiek onderscheidt van oorlog. Politiek is het uitvechten van de strijd voor onze overtuigingen en belangen met woorden in plaats van met wapens. Dat onderscheid blijft echter slechts bestaan zolang onze woorden geen wapens zijn.

Daarom is politiek zo kwetsbaar. Woorden zijn vaak gewelddadig. Ze kwetsen en beledigen, verdelen en kleineren, soms zonder dat we er erg in hebben. Politieke verantwoordelijkheid gaat daarom wezenlijk om verantwoordelijkheid voor onze woorden. Woorden zijn niet iets om argeloos mee om te springen.

Woorden geven een naam

Bovendien onderschatten we de reikwijdte van wat woorden doen. In het politieke debat beslissen woorden niet alleen over wat we moeten doen of laten, maar ook over wat gebeurtenissen, gemeenschappen en mensen zijn.

Er is geen objectieve betekenis van de samenleving, geschiedenis of identiteit voorhanden als een gezamenlijk vertrekpunt voor het politieke debat. In het benoemen van zaken creëren we een betekenis, waarna datgene wat we op die manier benoemen nooit meer helemaal hetzelfde kan zijn als voorheen.

Of we nu spreken over een significant deel van de moslimgemeenschap of over een marginaal groepje idioten heeft een impact op de werkelijkheid. Die categorieën kleuren immers de manier waarop we in het vervolg de werkelijkheid zullen percipiëren.

Woorden als wapens

Significant betekent niet noodzakelijk veel en politici moeten problemen durven benoemen, zo luidt de verdediging. Waarheden als een koe, maar laat dat nu juist het probleem zijn. Jambon heeft geen probleem benoemd. De meeste mensen interpreteerden zijn woorden immers alsof er veel moslims stonden te dansen op straat, wat helemaal niet het geval blijkt te zijn.

Hij heeft dus een onbestaand probleem benoemd. Een probleem gecreëerd, zouden we kunnen zeggen. ‘Uitgevonden’ moeten we misschien zeggen. Of is het eerder ‘uit zijn duim gezogen’? Woorden maken een verschil, zoals u merkt.

“Hij heeft dus een onbestaand probleem benoemd. Een probleem gecreëerd, zouden we kunnen zeggen.”

Als woorden mensen op een gratuite manier tegen elkaar opzetten, dan is het onderscheid tussen woorden en wapens weggevallen. Dan mogen we nog zo welwillend zijn over Jambons goede bedoelingen, het resulterende geweld is wat het is.

Zeggen dat een significant deel eigenlijk op een marginaal aantal sloeg, is een beetje zoals de generaal die moet komen uitleggen dat de ‘slimme’ bom die op een ziekenhuis is gevallen eigenlijk voor een terroristenkamp bedoeld was.

De schade is onherroepelijk toegebracht. Niets kan dat achteraf nog ongedaan maken. De generaal mag dan vaak zijn boeltje pakken, in de hoop dat er in de toekomst voorzichtiger met wapens zal worden omgegaan. Meneer Jambon, zorgt u er alstublieft voor dat we ons in het vervolg niet meer zo moeten schamen?

 

Bron: VRT NWS

Laat een reactie achter