Mark Van de Voorde: ‘Charlie moet voor de hoofddoek zijn’

Het pleidooi van Lieven Boeve, topman van het katholiek onderwijs, voor het opheffen van het hoofddoekverbod gaat over meer dan over het dragen van levensbeschouwelijke symbolen op school. Het gaat ook over meer dan over de vraag of ook achter het loket van een overheidsdienst iemand een kruisje, keppeltje of tulband mag dragen.

Het gaat over de fundamentele vraag hoe een seculiere staat omgaat met levensbeschouwing en religie. Het gaat over de vraag hoe hij omgaat met de wezenlijke verschillen van mensen: geeft hij ze de ruimte om getoond te worden of niet? Het gaat over de vraag wat neutraliteit van een overheid betekent: geeft ze het brede scala van visies op de zin van het bestaan een plaats in de publieke ruimte of wil ze deze vrij van levensbeschouwing houden?

Het gaat dus in wezen over de mogelijkheid of de weigering van een publieke dialoog over het verschil. Het zou bizar zijn, als de weigering het antwoord zou zijn. Zopas nog werd – na de aanslagen in Parijs – gepleit, opgestapt en betoogd voor de volle vrijheid van meningsuiting. Het zou merkwaardig zijn als een samenleving wel opkomt voor het recht om religies te beledigen maar weigert om over religies te laten praten. Als spot mag op het publieke forum, dan alvast ook ernst.

Bezielend verband is zoek

In een samenleving als de onze met verschillende levensbeschouwingen en een toegenomen religieuze diversiteit is de banning van het levensbeschouwelijke element van ’s mensen persoonlijkheid uit het publieke forum veel nefaster dan in een samenleving met een algemeen gedeeld geloof.

Vroeger hoefde de levensbeschouwing misschien niet ter sprake te komen, ze was de gemeenschappelijke dragende grond van alle debat, “het bezielend verband” van de samenleving. Vandaag in de situatie van levensbeschouwelijke diversiteit zou een opgelegde neutraliteit de levensbeschouwingen de kans tot noodzakelijke dialoog ontnemen.

Bijgevolg zouden de levensbeschouwingen ontriefd worden van de mogelijkheid om tot overeenstemming te komen over een alsnog “bezielend verband” van gedeelde waarden, en zouden de ‘uitheemse’ religies niet de nodige kansen krijgen tot acculturatie binnen de seculiere samenleving wier verworvenheden wel schatplichtig zijn aan de ‘inheemse’ religie.

Dialoog dwingt tot denken

De pleitbezorgers van de gesloten neutraliteit en de passieve tolerantie slaan op de vlucht voor de dialoog. Misschien wel doelbewust. Deze dialoog confronteert ons immers met ‘meningen’ die misschien niet conform de ‘pensée unique’ van deze tijd zijn. Bovenal dwingt die confrontatie met ‘vreemde’ gedachten ons om af te dalen in de eigen levensbeschouwelijke grondslagen van onze samenleving en cultuur, op het gevaar af vast te moeten stellen dat we onwetend zijn geworden over onze eigen identiteit.

Door uitgerekend onze bronnen bloot te leggen kunnen we komen tot een vruchtbare dialoog. Enkel zo spreken we van identiteit tot identiteit, seculieren en gelovigen, christenen en moslims. Dat laat ons toe om onze gemeenschappelijkheid te ontdekken, maar ook – en dat is even belangrijk – elkaars verschil, in de meest verdraagzame zin: namelijk dat we elkaar zelfs toelaten om te beweren de waarheid te bezitten.

Als ik de ander toelaat om te beweren dat zijn geloof of levensbeschouwing het finale antwoord heeft op de vraag naar de zin van het leven en de bestemming van de mens, eis ik ook het recht op om dat van mijn geloof of levensbeschouwing te zeggen. Kortom, ieder zijn waarheid in de meest tolerante betekenis maar ook met wederkerige interesse.

Het getto wordt een burcht

Het passief pluralisme toont geen interesse voor wat mensen beweegt en de gesloten neutraliteit kijkt onverschillig neer op wat mensen drijft. Dat is gevaarlijk, omdat het mensen dwingt tot maatschappelijke schizofrenie: privé gelovig, publiek neutraal. Je haalt de overtuiging niet uit de mens zonder schade teweeg te brengen. Van de weeromstuit wordt het gedwongen getto van de religie of de levensbeschouwing een burcht die zich keert tegen de samenleving.

Het is voor de toekomst van onze gediversifieerde samenleving en ook voor de toekomst van de westerse islam nodig dat ook de islam door de verlichting gaat. Dat kan alleen lukken door dialoog en actief pluralisme.

Het duwen van de tijd doet ons verstaan dat de plaats van de religie en de levensbeschouwing in het centrum van de wereldvragen staat. Secularisme biedt daar geen antwoord op. Secularisme vlucht de discussie, weigert de dialoog en versterkt daardoor fundamentalistische tendensen binnen een maatschappelijk uitgerangeerde islam.

De dialoog tussen de levensbeschouwingen die zich neerzet op de mensenrechtelijke vrijheden die voor onze cultuur essentieel en onvervreemdbaar zijn, kan ervoor zorgen dat mensen van een andere religieuze origine dan deze die grondslagend was voor onze visie op vrijheid en verantwoordelijkheid, onze verworvenheden kunnen aanvaarden en inpassen in hun levensbeschouwing. Kortom, Charlie moet voor de hoofddoek zijn.

 

 

Bron: De Redactie – 10 februari 2015

Laat een reactie achter