Chris Gastmans: “De behoefte aan lichamelijkheid en seksualiteit verdwijnt niet met het ouder worden”

De behoefte aan lichamelijkheid en seksualiteit slijt niet met ouder worden. Verzorgers en verpleegkundigen in woonzorgcentra hebben het er lastig mee.

‘Ik vind het oké als een bewoner mijn hand aanraakt of mij een kus op de wang wil geven. Maar toen raakte hij ineens mijn gezicht aan en streelde mijn wangen. Ik voelde me hoogst oncomfortabel. Voor mij gaat dat te ver.’

Verpleegkundigen en verzorgenden in woonzorgcentra worden wel vaker geconfronteerd met uitingen van lichamelijk verlangen bij bewoners. Ze vinden dat niet altijd prettig, blijkt uit een kwalitatieve studie van ethici en verpleegkundigen aan de KU Leuven. De resultaten zijn verschenen in het Journal of Clinical Nursing. Het betreft het eerste onderzoek hierover ooit in Vlaanderen.

Zestien zorgvuldig geselecteerde verpleegkundigen en verzorgenden – jong en ouder, vrouwen en ook twee mannen – vertelden twintig verhalen die ze zelf meemaakten. De meeste daarvan werden veeleer negatief gepercipieerd. Bijvoorbeeld: een bewoner die intieme lichaamsdelen van een verzorger aanraakt – dit overkwam ook een mannelijke verpleger bij een vrouwelijke bewoner.

Meerdere verhalen betroffen een mannelijke bewoner die tijdens het wassen een erectie kreeg. Of een man met gevorderde dementie, die obsessief vaak masturbeerde.

Te kijk gezet

Evengoed voelden verpleegkundigen zich gegeneerd als ze een kamer binnenstapten en daar onverwacht twee bewoners samen in bed aantroffen, of als twee bewoners in de gemeenschappelijke living aan het vrijen sloegen.

‘Een dergelijke situatie is gênant voor beide partijen’, zegt Chris Gastmans, professor ethiek aan de KU Leuven. ‘Soms is er niet voldoende ruimte voor een stel dat iets met elkaar wil, en kunnen ze daarvoor alleen in de gemeenschappelijke ruimte terecht. Ze worden daardoor te kijk gezet.’

‘Feit is dat de behoefte aan lichamelijkheid en seksualiteit niet verdwijnt met het ouder worden. Al het onderzoek dat we daarover kennen, spreekt dit tegen. Bij een groot deel van de oudere bevolking blijft dit erg belangrijk’, zegt Gastmans. ‘Ook bij mensen met dementie. Het is vaak de enige manier waarop ze nog kunnen communiceren.’

‘In de maatschappij leeft daarover een ander idee, namelijk dat seks voorbehouden is voor de jeugd. Dat is natuurlijk een erg discriminerende gedachte. Ze kleurt mogelijk ook de reacties van verpleegkundigen en verzorgenden. Normale seksuele expressie wordt dan al sneller geproblematiseerd.’

Verpleegkundigen die al wat ouder waren, hadden hier over het algemeen minder problemen mee. Net als verpleegkundigen die de bewoner al langer kenden, en daardoor beter konden inschatten dat de vraag om een zoen of knuffel vriendschappelijk bedoeld is, en niet seksueel.

Gastmans: ‘De persoonlijke ervaringen van de verpleegkundige spelen zeker mee. Wie opgegroeid is in een warm gezin waar veel geknuffeld en gekust werd, zal minder problemen hebben als een bewoner daar behoefte aan heeft, dan iemand die opgroeide in een omgeving waar nooit over zulke dingen werd gepraat.’

Roddelcircuit

In veel gevallen vertelde de hulpverlener zijn of haar verhaal voor het eerst. Op het werk was daar geen ruimte voor. Deze verhalen behoren er tot het roddelcircuit. Er leeft veel schaamte rond, ook bij de betrokken verpleegkundigen.

Om dat patroon te doorbreken, pleiten de onderzoekers niet alleen voor een beleid, maar voor voortdurende opleiding en bijscholing van het personeel. Er kan ook werk worden gemaakt van bijkomende ruimte voor koppels, en van een ‘klop-op-de-deur én wacht-dan-even’-beleid.

Gastmans: ‘Men vergeet vaak dat je pas binnen mag als je daarvoor de toestemming krijgt. Tegelijk moet men erover waken niet té afstandelijk om te gaan met de bewoners: in een koele, afstandelijke omgeving doen zich meer “incidenten” met obsessief seksueel gedrag voor. In woonzorgcentra met een warme sfeer wordt vaak al op eenvoudige manieren aan de behoefte aan lichamelijkheid voldaan.’

Bron: De Standaard

Laat een reactie achter