Steven Van Hecke: Wat de Brexit leert over migratiebeleid

Het Brexit-dossier verdient geen schoonheidsprijs, maar Steven Van Hecke leert eruit voor dat andere heikele dossier.

Van de schok die de uitslag van het Brexit-referendum twee jaar geleden veroorzaakte, zijn de trillingen tot vandaag voelbaar. Gevoelens van frustratie en bedrog bij de Remainers brachten afgelopen zaterdag tienduizenden op de been in hartje Londen. Daar zijn goede redenen voor. Afgezien van het politieke moeras waarin de regering van Theresa May is weggezakt, volgde de ontluistering van de Leave-campagne meteen één dag na het referendum.

Nigel Farage, de leider van UKIP en de eigenlijke aanstoker van het referendum, bestond het om voor de televisiecamera’s zijn belofte te ontkennen dat bij een uitstap uit de EU elke week 350 miljoen pond zou terugvloeien naar de NHS, het Britse openbare gezondheidssysteem. Die belofte was geen bijzaak maar een van de centrale slogans van de Brexiteers. Boris Johnson, dat andere boegbeeld van de tegenstanders van EU-lidmaatschap, had er met zijn bus het ganse Verenigd Koninkrijk mee rondgetoerd. Johnson, intussen minister van Buitenlandse Zaken, blijft in tegenstelling tot Farage wel bij zijn belofte. Afgelopen week kreeg May uitgerekend vanuit de eigen partij bakken kritiek over onrealistische plannen over de toekomstige financiering van de NHS en het zogenaamde Brexit-dividend, het geld dat de Britten zullen uitsparen door niet meer te moeten bijdragen aan de begroting van de EU. Beslecht is de discussie dus niet. Of, beter, sommigen verkeren nog steeds in staat van ontkenning.

Beloven kost niks

Farage en Johnson hebben sinds juni 2016 school gemaakt. In zijn kiescampagne beloofde Donald Trump de migratie te stoppen door een muur te bouwen en die door de Mexicanen zelf te laten financieren. Anderhalf jaar na de start van zijn presidentschap is die belofte geenszins ingelost. De Mexicanen hebben nog geen cent betaald en de migratie is niet gestopt. In het voorjaar van 2017 beloofde Marine Le Pen Frankrijk zijn soevereiniteit terug te geven door uit de euro te stappen. Ze verloor de presidentsverkiezingen toen bleek dat ze geen geloofwaardig plan kon voorleggen. Dit jaar orakelde Viktor Orban dat door de migratie aan de Hongaarse grens te stoppen Europa zijn christelijke karakter zou bewaren en beloofde Matteo Salvini tijdens de Italiaanse kiescampagne binnen de vijf jaar 500.000 illegale vluchtelingen terug te sturen. Ter vergelijking: in 2017 slaagde Italië erin zo’n 6.500 personen te deporteren. Dichter bij huis beweerde N-VA-voorzitter Bart De Wever vorig weekend (bij VTM) dat ‘we een moeilijke periode tegemoet gaan als we de grenzen sluiten, maar dan is het tenminste achter de rug’.

Uitvoeren is een andere klus

De geest van de Brexit is springlevend. Het scenario is eenvoudig. Voor complexe vraagstukken worden de bevolking ogenschijnlijk gemakkelijke oplossingen voorgespiegeld. Die zouden op zeer korte termijn worden gerealiseerd. Het vraagt alleen wat moed en doorzettingsvermogen alsook, o ironie, voldoende realiteitszin. Want wie kritiek uit om juridische, praktische of morele bezwaren, wordt verweten het probleem te minimaliseren of te ontkennen. Politieke tegenstanders worden geridiculiseerd, experts worden genegeerd. Om een oplossing te forceren, moeten desnoods internationale verplichtingen sneuvelen. Trump is daar een meester in: zich eenzijdig terugtrekken uit multilaterale verdragen om alsnog de eigen agenda te kunnen realiseren. Wanneer na verloop van tijd blijkt dat de beloftes niet kunnen worden ingelost, worden ‘wereldvreemde rechters’, ‘Brussel’ of andere landen met de vinger gewezen. Terwijl iedereen met een beetje gezond verstand bij voorbaat wist dat de beloftes nooit ingelost zouden kunnen worden. Maar daar hebben populisten uiteraard geen boodschap aan.

Gezond verstand

Gelukkig leert de Brexit ons dat de realiteit weerbarstig is. Dat het geen overbodige luxe is dat binnen democratische regimes tegenmacht kan worden georganiseerd, vanuit politieke, juridische, journalistieke of academische hoek. En dat de tijd de loze beloften genadeloos inhaalt. Al dient er soms een hoge prijs te worden betaald. Doorgaans zijn politici à la Farage dan toevallig niet op de afspraak.

Gelukkig ook hoort Bart De Wever niet helemaal thuis in het rijtje van Johnson, Trump, Le Pen, Orban en Salvini. In Antwerpen, Vlaanderen en België is er volgens de N-VA-voorman geen ruimte voor onrealistische experimenten of beloftes. Politieke tegenstanders worden daar met de regelmaat van de klok op gewezen. Neen, besturen betekent bedachtzaam rijden en omzien, node rekening houden met alle wettelijke en juridische bepalingen, coalitiepartners trachten te overtuigen, verwachtingen temperen en de kiezers duidelijk maken dat verandering niet onmogelijk is, maar traag werkt en alleen resultaat kan opleveren als complexe problemen gedurende een langere periode op vele fronten tegelijk worden aangepakt. Uitgerekend in het migratiedebat heeft Europa dringend nood aan dergelijke bestuurders van het gezond verstand.

Bron: De Standaard

Laat een reactie achter