De boodschap van paus Franciscus over het geregistreerde partnerschap (DS 22 oktober) heeft mij als gelovige homo zeer verheugd. Paus Franciscus heeft zich reeds herhaalde malen positief uitgesproken over homoseksualiteit. Hij maakt het onderwerp bespreekbaar. Dat een kerkelijke wereldleider zich zo expliciet uitspreekt, is uniek. Het is geen ‘slip of the tongue’.

Alles begon met zijn uitspraak op een vraag van een journalist tijdens een terugvlucht naar Rome: ‘Wie ben ik om te oordelen?’ Het was niet de onfeilbare paus die sprak. Hij sprak als mens. In veel van zijn tussenkomsten drukt hij zijn bezorgdheid uit voor mensen die zich uitgesloten voelen in deze maatschappij, maar ook in de kerk. Hij geeft aandacht aan hen. Veel homo’s hebben zich vaak uitgesloten gevoeld en met de vinger gewezen.

Ook hun ouders ondervonden de gevolgen van de geaardheid van hun kind. Behalve de problemen rond de aanvaarding, werden ze soms ook scheef bekeken binnen hun geloofsgemeenschap. Een moeder van een homo die de kerk had verlaten, heeft de paus hierover aangesproken, tijdens een algemene audiëntie op 16  september. Zij is lid van een Italiaanse holebivereniging, die gelovige holebi’s en hun ouders als leden hebben. Op haar vraag antwoordde de paus dat homo’s en lesbiennes ook kinderen van de kerk zijn. Keer op keer herhaalt hij dat holebi’s welkom zijn.

“Vlaanderen telt heel wat positieve verhalen, van priesters en religieuzen die holebi’s ondersteunen”

Op veel plaatsen in West-Europa zijn er initiatieven voor holebi’s. De Duitse en Oostenrijkse Kerk werken aan een document over de regeling van de inzegeningen van de homorelaties binnen de Kerk. De Franse kerk organiseert in 40 bisdommen een holebipastoraal, waar gelovige holebi’s en hun ouders terechtkunnen met hun bekommernissen en vragen, alsook voor vorming en informatieavonden.

Positieve verhalen

Als gelovige homo en jarenlang werkzaam voor Katholiek Onderwijs Vlaanderen heb ik diezelfde openheid mogen ervaren. Holebileerkrachten worden met respect behandeld. Leerlingen zijn aanwezig wanneer hun meester in de kerk zijn relatie viert. Ik heb mogen meemaken hoe een personeelslid van een katholieke school haar coming-out deed als transgender. Schoolbestuur, directie en personeel hebben haar gesteund en met eerbied behandeld.

Vele positieve dingen halen de media niet. Vlaanderen telt heel wat positieve verhalen, van priesters en religieuzen die holebi’s ondersteunen. Kardinaal Jozef De Kesel ontving enige tijd terug de holebigemeenschap van Mechelen. Hij sprak zich toen ook uit voor een regeling voor vieringen van relaties in de kerk, alsook over de seksuele beleving.

Tijdens mijn persoonlijk onderhoud met de kardinaal heb ik zijn betrokkenheid en bekommernis mogen ervaren voor de problematiek. Ik ben geen theoloog en zal mij niet uitdrukken over het huwelijk. Maar voor velen onder ons is het belangrijk dat de kerk ons erkent als deel uit makend van de katholieke kerkgemeenschap. Als gedoopten maken wij intrinsiek hiervan deel uit. Dat de gelovige holebi’s hun relatie kunnen inzegenen in de kerk, samen met hun familie en vrienden. Dat de kerk oor heeft naar onze bezorgdheden, alsook luistert naar de ouders van holebi’s.

Seksuele beleving

Zeker zijn er nog onderwerpen, zoals ouderschap, die moeten worden uitgeklaard. Seksualiteit – of het nu homo of hetero is – blijft een moeilijk onderwerp voor de kerk. De seksuele beleving blijkt steeds een discussiepunt te zijn.

Ik ben van mening dat de beleving van de seksualiteit deel uitmaakt van de relatie, op dezelfde manier als een heteroseksuele relatie. Dezelfde principes gelden.

Tijdens mijn vele gesprekken heb ik mogen ervaren dat de kerk openstaat om in dialoog te gaan. Momenteel kom ik samen met leden uit de geloofsgemeenschap om te praten rond de plaats van de gelovige holebi’s en hun ouders binnen de kerk. Heel constructief en hoopgevend.

In zijn laatste encycliek, Fratelli tutti, beklemtoonde de paus het belang van broederlijkheid. Hij roept alle mensen van goede wil op tot liefde. Ik zie zijn uitspraken dan ook volledig in dat kader.

Bron: De Standaard

Laat een reactie achter